|
https://www.ica.org/standards/RiC/ontology#history
|
"De Vereniging Quellinus, beheerder van het Quellinus Fonds, is oorspronkelijk opgericht op 1 maart 1879. Het doel van de vereniging was bevordering van de kunstnijverheid en het kunstnijverheidsonderwijs, door middel van het uitschrijven van prijsvragen, het verlenen van opdrachten en verder door alles wat op wettige wijze tot bevordering van het doel kon leiden. (Zie Gewijzigde Statuten der Vereeniging 'Quellinus', goedgekeurd bij KB de dato 18 okt 1973, inv.nr 208)
Het Quellinusfonds deed jaarlijks een bescheiden uitkering aan beginnende kunstenaars, hoofdzakelijk in de sector Toegepaste kunst. In het bestuur van dit fonds had Dick Dooijes (1909-1998), directeur van de Rietveld Academie van 1968-1974, zitting.
In 1978 komt de opheffing van het fonds ter sprake met als doel om in samenwerking met de Vereniging van Academies voor Beeldend Kunstonderwijs een groot fonds voor de studenten van de Nederlandse kunstvakopleidingen in het leven te roepen met de gelden van het Quellinus-fonds als startkapitaal. Dit plan vindt echter geen doorgang, voornamelijk omdat het bestuur van de VAKB van mening was dat een dergelijk fonds niet haalbaar zou zijn aangezien volgens het bestuur de meeste academies geen beschikking hadden over financiële middelen die nodig zouden zijn om een dergelijk fonds op te richten en in stand te houden. Onder verwijzing naar een voorgaand gesprek en een door de voorzitter geopperde mogelijkheid, stelt de toenmalig directeur van de Rietveld Academie, Simon den Hartog, in een brief aan de voorzitter van de Vereniging Quellinus voor het batig saldo te doen toekomen aan de studenten c.q. het schoolfonds van de Gerrit Rietveld Academie (bron: brief van Simon den Hartog, directeur van de Rietveld Academie, aan de heer A. Komter, voorzitter van de Vereniging Quellinus, d.d. 13 november 1978, inv.nr. 277, Archief Rietveld Academie).
Op 21 maart 1979 vindt met de Algemene Ledenvergadering een bestuursoverdracht plaats waarbij het voltallige bestuur haar ontslag indient. Met algemene stemmen worden in plaats van de afgetreden bestuursleden de volgende kandidaten benoemd: M. van Ballegoijen, de Jong, (secr.), P. Hildring, A. Komen (penningmeester) Benno Premsela (voorzitter) B. Thio en W. Vleeshouwer. Dit zijn tevens de bestuursleden van de Rietveld Academie. Tijdens deze vergadering verklaart de directeur van de Rietveld Academie zich bereid het archief van de Vereniging Quellinus in het academiegebouw onder te brengen. 'Bewerking van de stukken door een groep studenten zal worden toegejuicht' (inv nr 277, notulen van de Algemene Ledenvergadering van de Vereniging Quellinus op 21 maart 1979)."
|